Wespenstichting: “Meer dan 1750 wespennesten gered; mensen steeds wespvriendelijker”

Nederland – Meer dan 1750 wespennesten zijn vorig jaar behouden dankzij een diervriendelijke aanpak. Ruim 2550 mensen zochten in 2025 hulp bij de Wespenstichting voor een natuurvriendelijke oplossing voor een wespennest. Bij bijna 70% van alle aanvragen werden de nesten behouden.

Van bestrijden naar behouden of verplaatsen
Er is duidelijk behoefte aan andere benaderingen bij problemen met wespen, merkt de Wespenstichting. “We krijgen regelmatig te horen dat mensen alleen maar ongediertebestrijders vinden in de zoekresultaten wanneer ze zoeken naar informatie over wespen”, vertelt woordvoerder Nathan Veenstra. Bij het grootste gedeelte van de wespennesten waren maatregelen in het geheel niet nodig.

Groei door verschillende factoren
Sinds 2021 zet de Wespenstichting zich in om het negatieve imago van wespen te verbeteren en alternatieven te bieden voor bestrijding. In 2024 was het aantal aanvragen voor hulp of advies nog 840, afgelopen jaar is dat gestegen naar meer dan 2550 aanvragen – ruim drie keer zoveel.

De enorme groei heeft volgens Veenstra drie belangrijke oorzaken: “We hebben duidelijk meer naamsbekendheid dan vorig jaar, onze website die in 2024 vernieuwd is, is steeds beter vindbaar in de zoekmachines, en 2024 was een slecht jaar voor de wespen, waardoor er minder overlast werd ervaren. Daardoor kon het aantal aanvragen dit jaar alleen maar toenemen.”

Vooral limonadewespen
Van alle aanvragen in 2025 ging het bij 46% om nesten van de limonadewespen. Dit zijn eigenlijk twee soorten, namelijk de gewone wesp en de Duitse wesp, die in uiterlijk en gedrag bijzonder veel op elkaar lijken. De top 5 van vastgestelde soorten uit de hulpaanvragen ziet er als volgt uit: limonadewesp 46%, Europese hoornaar 16%, Saksische wesp 5%, Franse veldwesp 4% en Aziatische hoornaar 4%.

Van alle aanvragen was er bij 20% niet met zekerheid vast te stellen om welke wespensoort het ging. In de meeste gevallen zal het volgens Veenstra ook gaan om limonadewespen. “Het gaat hierbij vaak om nesten die niet zichtbaar zijn, en laat dat nou net een kenmerk zijn van nesten van limonadewespen.”

Veel nesten verplaatst in Groningen
Hoewel er uit de provincie Groningen maar 54 hulpaanvragen kwamen, zijn daarvan zes stuks verplaatst. Dat is in relatieve zin bijna twee keer zoveel als landelijk. Veenstra: “Het lijkt best veel ja, maar laten we niet vergeten dat het bij lage aantallen ook snel vertekent. Misschien speelt ook wel mee dat onze voorzitter in Stad woont en de drempel wat lager is, hoewel we verplaatsing toch echt wel liefst voorkomen.”

In oktober werd nog een nest van de Europese hoornaar in het hondenlosloopgebied bij Corpus den Hoorn in opdracht van Gemeente Groningen verplaatst. “Onze voorzitter heeft contact met de gemeente en dat resulteert ook weleens in een verplaatsing. Het liefst laten we zo’n nest zitten en voorkomen we met een afzetting dat mensen in de buurt van het nest komen”, aldus Veenstra.

Wespennesten verplaatsen in plaats van bestrijden
Een van de alternatieven voor bestrijding is het verplaatsen van wespennesten. Het nest wordt dan losgemaakt van de plek waar het zit, en met wespen en al verhuisd naar een locatie die minimaal drie kilometer verderop ligt. “Verplaatsing van een wespennest levert de wespen stress op”, zegt voorzitter Sjoert Fleurke. “De eerste dagen na de verplaatsing wordt er vaak nauwelijks aan het nest gewerkt, omdat de werksters van slag zijn, en omdat ze de nieuwe omgeving moeten verkennen. Als het even kan, laten we het nest daarom het liefst zitten.”

Dat verklaart waarom slechts 6,5% van de wespennesten werd verplaatst, toch nog ruim 180 nesten in totaal.

Ongediertebestrijders zoeken alternatieve methodes
Het is ook de ongediertebestrijders niet ontgaan dat klanten gifvrije methodes willen. De verwachting is zelfs dat zij, net als nu bij muizen en ratten, voor insecten moeten overgaan op Integrated Pest Management (IPM). Bij IPM gaat het om het voorkomen van overlast, en wordt bestrijding zoveel mogelijk voorkomen.

“Afgelopen jaar hebben enkele medewerkers van ongediertebestrijdingsbedrijven meegedaan aan onze cursussen, en die hebben ook al wespennesten verplaatst”, vertelt Fleurke. “Eén van de bestrijdingstechnici zei dat de verwachting is dat het gebruik van biociden over een tijd niet meer mag, en ze dus ook wel zullen moeten overschakelen op deze natuurvriendelijke oplossingen.”

Vooralsnog is niet bekend wanneer de overheid IPM voor insecten in de ongediertebestrijding verplicht gaat stellen. Dat de vraag naar gifvrije oplossingen toeneemt, merkt de stichting zowel aan de stijging in de aanvragen als aan gesprekken waaruit regelmatig blijkt dat mensen blij zijn om te weten dat deze oplossingen bestaan.

   
Back to top button