Provincie – Het jaar 2026 was opnieuw een goed jaar voor de grutto en andere weidevogels bij de boeren van BoerenNatuur Groningen West en in de gebieden van Het Groninger Landschap. Vooral de grutto, tureluur en scholekster wisten over het algemeen veel jongen groot te brengen. De kievit deed het net als vorig jaar in het algemeen iets minder goed, al ging het in sommige gebieden juist heel goed.
Veel vliegvlugge kuikens
In verschillende gebieden liepen tot ver in het seizoen nog gruttofamilies met grote kuikens rond, aldus veldcoördinator weidevogelbeheer Henk van der Noord van BoerenNatuur Groningen West. Volgens hem zagen de veldmedewerkers, boeren en weidevogelvrijwilligers net als vorig jaar opvallend veel jonge vliegvlugge grutto’s. Hij benadrukte dat het uiteindelijk daarom draait: zorgen dat er niet alleen voldoende vogels gaan broeden, maar vooral dat hun jongen veilig opgroeien en vliegvlug worden.
Droog voorjaar, uitbreiding beheer werpt vruchten af
Het voorjaar was warm, zeer zonnig en vooral droog, met name in april viel uitzonderlijk weinig regen. Daardoor waren de door boeren gecreëerde natte plekken (plasdrassen) en hogere slootpeilen in het boerenland extra belangrijk. Dit zorgde in combinatie met kruidenrijke graslanden, beweiding en later gemaaide percelen ervoor dat er plekken met voedsel en dekking voor weidevogels en hun kuikens beschikbaar bleven. Van der Noord gaf aan dat het areaal weidevogelbeheer de afgelopen jaren samen met de boeren is uitgebreid en versterkt, en dat dit nu opnieuw zijn vruchten lijkt af te werpen.
Broedsucces grutto ruim voldoende
Uit tellingen bleek dat het Bruto Territoriaal Succes (BTS) van de grutto bij de deelnemende boeren gemiddeld 66 procent bedroeg. Het BTS geldt als belangrijke graadmeter voor het broedsucces van de grutto; vanaf ongeveer 65 procent wordt doorgaans gesproken van voldoende reproductie om de populatie op peil te kunnen houden.
Investeren in sterke weidevogelgebieden blijft nodig
Volgens Van der Noord laat het resultaat zien hoe belangrijk het is om te blijven investeren in sterke weidevogelgebieden, waarbij maatregelen goed op elkaar moeten aansluiten en er gedurende het hele broedseizoen voldoende nestgelegenheid, voedsel, dekking en rust moet zijn. Ook predatiebeheer blijft volgens hem noodzakelijk; uit steeds meer onderzoeken blijkt dat dit werkt, mits het continu wordt gedaan.
250 boeren zetten zich in op 7000 hectare
Zo’n 250 boeren van BoerenNatuur Groningen West zetten zich jaarlijks in voor de weidevogels met een mozaïek van maatregelen op 7000 hectare boerenland. Hiervoor ontvangen zij een vergoeding vanuit het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb). Ook Het Groninger Landschap werkt aan vochtige, bloemrijke hooilanden en hogere waterpeilen. De combinatie van natuurgebieden en agrarisch natuurbeheer draagt bij aan grotere en robuustere leefgebieden voor weidevogels in de provincie.










